12.9.6 Centrale kas en pensioenfonds

Van andere orde zijn de centrale kas voor de predikantstraktementen en het pensioenfonds voor de predikanten. Omdat ook deze gevoed worden uit (onder meer) bijdragen van de gemeenten en de kleine synode bij de besluitvorming betrokken is, worden beide ook hier besproken.

|284|

De centrale kas is ingesteld om de kosten van de financiering van de traktementen zoveel mogelijk naar draagkracht over de gemeenten om te slaan (G.R. predikantstraktementen, art. 22). Deze kas behoort wel tot de vermogensrechtelijke aangelegenheden van de kerk, maar wordt beheerd door de beleidscommissie Predikanten.

De centrale kas wordt gevuld door bijdragen van de gemeenten. De hoogte van de bijdragen wordt door de beleidscommissie vastgesteld en behoeft instemming van de kleine synode. Ook gemeenten waaraan geen predikant verbonden is, worden voor deze kas aangeslagen.

 

Het pensioenfonds behoort niet tot de vermogensrechtelijke aangelegenheden van de kerk, maar wordt beheerd door een door de kerk opgerichte stichting. Het bestuur van deze Stichting Pensioenfonds voor de predikanten in de Protestantse Kerk in Nederland wordt door de kleine synode benoemd (statuten, art. 6). Het pensioenfonds wordt gevuld uit pensioenpremies van de predikanten en van de gemeenten. De hoogte van de bijdragen wordt vastgesteld door het bestuur, de verdeling van de premies over predikanten enerzijds en gemeenten anderzijds wordt bepaald door het georganiseerd overleg (zie § 5.6.2). De kleine synode kan daarbij bepalen dat alle gemeenten — en niet alleen gemeenten waaraan een predikant voor gewone werkzaamheden verbonden is — een deel van de premie betalen (G.R. predikantspensioenen, art. 25-3).