Ordinantie voor de ambtelijke vergaderingen.

 

VI. Algemene bepalingen.

Artikel 19.

Zittingstijd.

Lid
2

De zittingstijd van hen, die door een ambtelijke vergadering zijn benoemd in organen of functies dier vergaderingen voor een tijdvak van één jaar, begint of eindigt op de dag, waarop die vergadering in het kalenderjaar voor de eerste maal bijeenkomt.