Bijlage 15

(bij art. 18 K.O.)

 

Reglement voor docenten aan de Theologische Universiteit van de gereformeerde kerken in Nederland

Artikel 1
Docenten ondertekenen bij hun optreden het voor hen bestemde, door de generale synode vastgestelde, ondertekeningsformulier.

Artikel 2
De in volledige dienst werkzame hoogleraren en universitaire (hoofd)docenten bekleden, behoudens door het college van deputaten-curatoren te verlenen vergunning, geen andere bezoldigde betrekkingen.

Artikel 3
De in volledige dienst werkzame hoogleraren en universitaire (hoofd)docenten wonen te Kampen. Het college van deputaten-curatoren kan van deze bepaling ontheffing verlenen, al dan niet voor een bepaalde termijn en/of onder bepaalde voorwaarden. De ontheffing kan, indien bij wijziging in de omstandigheden het belang van de universiteit dit naar zijn oordeel wenselijk maakt, door het college worden ingetrokken.

Artikel 4
De docent, die tengevolge van arbeidsongeschiktheid of andere wettige redenen verhinderd is zijn werkzaamheden te verrichten, verwittigt daarvan, evenals van hervatting van zijn werkzaamheden, de secretaris van deputaten-curatoren.

Artikel 5
Indien de verhindering een gevolg is van arbeidsongeschiktheid kan het college van deputaten-curatoren een geneeskundig onderzoek doen instelling ter beantwoording van de vraag of hervatting van de werkzaamheden is uitgesloten.
Het college gaat hiertoe steeds over ingeval de verhindering tenminste een jaar onafgebroken heeft geduurd dan wel binnen een tijdvak van anderhalf jaar gedurende tenminste tweederde deel van die periode.
Zolang hervatting van de werkzaamheden niet uitgesloten blijkt, kan het college telkens wanneer het dit wenselijk acht, het geneeskundig onderzoek doen herhalen.
Blijkt de hervatting van de werkzaamheden uitgesloten, dan neemt het college de maatregelen die het voor de goede voortgang van de werkzaamheden aan de universiteit wenselijk acht. Het college kan ontslag uit de dienst verlenen in verband met aanhoudende arbeidsongeschiktheid doch niet eerder, tenzij met bewilliging van de betrokkene, dan nadat de arbeidsongeschiktheid twee jaren heeft geduurd.

Artikel 6
Met het einde van het cursusjaar waarin een docent de leeftijd van vijfenzestig jaar heeft bereikt, wordt hem ontslag uit zijn dienst verleend.

Artikel 7
Docenten nemen kennis van hetgeen is neergelegd in het Statuut van de Theologische Universiteit en in de Instructie voor deputaten-curatoren. Zij zijn gebonden aan hetgeen daarin te hunnen aanzien is bepaald.

(Groningen-Zuid 1978, art. 59, bijlage 10d, blz. 462; Spakenburg-Noord 1987, art. 93, bijlage Xe, blz. 416)