Van de kerkelijke samenkomsten

Artikel
50

De nationale synode zal ordinaarlijk alle drie jaren eens gehouden worden, tenzij dat er enige dringende nood zou zijn om de tijd korter te nemen. Tot deze zullen twee dienaren en twee ouderlingen uit elke particuliere synode (beide van de Duitse en Waalse spraak) afgezonden worden. Voorts zal de kerk die last heeft om tijd en plaats van de generale synode te benoemen (zo deze binnen de drie jaren samen te roepen ware) haar particuliere synode vergaderen (en het ook de naastgelegen kerk die van een andere taal is laten weten, welke vier personen daarheen zenden zal) om met algemeen advies van de tijd en plaats te besluiten. (De kerk die verkoren is om de generale synode tezamen te roepen, wanneer zij met de classis van de tijd en plaats beraadslagen zal, zal dit de hoge overheid intijds te kennen geven, opdat met haar weten, en [zo het haar gelieft mede enigen te zenden tot de classis] van de zaak in tegenwoordigheid en met advies van haar gedeputeerden besloten wordt.)