10.2. De "kerkelijke discipline". |
10.2. De 'kerkelijke discipline'
De belangrijkste bezigheid van het consistorie is de hantering van de kerkelijke discipline. Aan dit opzicht was elk afzonderlijk beleidsterrein onderworpen of het nu ging om goed functioneren van diakenen, de armenzorg, over de kerkelijke financiën of het opleiden van studenten. Beslissingen werden unaniem genomen. Minderheidsstandpunten zijn zeer ongewoon. Elke beleidsbeslissing werd gedaan in het consistorie en kon als resultaat een tuchtprocedure opleveren als een lidmaat of een ambtsdrager zich niet wenste te conformeren aan het besluit van het consistorie. De meeste tuchtzaken hebben een element van verzet in zich tegen een besluit of een opvatting van het consistorie. Dit opzicht over leer en leven van de gemeenteleden werd in die tijd de kerkelijke discipline of 'kerckelijcke straffe' genoemd. Een goede definitie hiervan vinden we in de Forma ac Ratio van A Lasco. In de vertaling van Micron luidt deze als volgt:
'De christelicke straffe dan is een seker ordinantie van den Heere, doer sijn wordt in sijn gemeinte inghestelt: doer de welcke een ieghelick lidtmaet der selver ghebonden is, oerdentlick wten worde Gods synen naesten Christelick te vermanen: ende wederom van hem vermaninghen t'ontfanghen: ende dat de ghene, die herdneckighe versmaders sulcker vermaninghen sijn, wt der ghemeinten gheworpen, ende den Duyvel overghelevert sullen werden: opdat doer dusdanighe ordinantie het gansene lichaem ende alle lidtmaten des selfs in haer officie onderhouden werden.'66
__________ 63) ACTA NL II, nr. 232.
64) Voor een gedetailleerde bespreking van deze crisis in 1572 zie Pettegree, a. w., p. 210-214.
65) Grell, a.w., p. 96.
66) M. Micron: Christlicke Ordinancien, p. 105-106. De originele versie in de Forma ac Ratio van Joannes a Lasco luidt: 'Disciplina ecclesiastica est certa quaedam e scripturis petita ratio observandi gradatim christianas admonitiones ex Verbo Dei inter fratres invicem omnes in Ecclesia Christi; ut et corpus universum singulaque illius membra in suo officio, quoad eius fieri potest, contineantur, et si qui in illa deprehendantur obstinati admonitionem istiusmodi contemptores, ut Satanae ad extremum per
[126] Deze 'kerkelijke straffe' gaat uit van het onderlinge vermaan van lidmaten over hetgeen zij, op grond van de bijbel, onjuist gedrag achten. Deze vorm van onderling vermaan kent verscheidene stadia, verloopt 'gradatim', en wel volgens het model van Mattheus 18: 15-17. Men begint met een eenvoudige vermaning van persoon tot persoon. Sorteert deze geen effect, dan neemt het lidmaat een getuige mee. Pas na deze fase neemt de kerkeraad het over, en gaat over tot een verhoor van de broeder of zuster die geen vermaning aanneemt, gevolgd door een vermaning tot berouw. Bij hardnekkigheid van de zondaar stelt het consistorie de zonde aan de gemeente voor zonder de naam van de zondaar te noemen. In de volgende fase (of 'trap') gaat het consistorie over tot het voorstellen van de zondaar in de eredienst bij zijn of haar naam, met de toevoeging deze te vermanen en voor deze te bidden dat hij of zij tot inkeer komen mag. De sanctie die het consistorie meestal toepaste op lidmaten van de kerk was het ontzeggen van de deelname aan het avondmaal. Deze ontzegging wordt in verschillende vorm toegepast, al naar gelang de staat van boetvaardigheid van de overtreder. In geval van onbewezen overtredingen raadt het consistorie dikwijls het gemeentelid aan 'bij zichzelf te rade te gaan'67 of hij of zij met gerust hart aan het avondmaal gaan kan. Bij een eenmalig licht vergrijp, waarover de overtreder berouw toont, adviseert het consistorie vaak de eerstkomende keer niet aan het avondmaal te gaan68. De volgende stap is schorsing van het avondmaal door het consistorie. Deze is in de regel gelimiteerd tot het moment dat de overtreder berouw toont. Bij hardnekkig verzet volgt publieke afsnijding van het avondmaal. Deze heeft in beginsel nog steeds een tijdelijk karakter. Soms kan deze echter min of meer permanent worden, wanneer althans niet overgegaan wordt tot de laatste stap: de publieke afsnijding van de gemeente, ofwel de excommunicatie maior69.
__________
excommunicationem tradantur, si quo modo per talem pudefactionem et caro in illis interire, quod ad affectus illiusattinet, et spiritus itademum revocari ad resipiscentiamac proindeservari etiampossit.' Joannis a Lasco: Opera 11.
67) 'sichbedenckeninsijnconscientie', 'sich beraden bij God'in de Nederlandse, 'prendre conseil' 'donner a sa conscience' (door de kerkeraad)' in de Franse, 'consigliarsi et ravedersi' of 'pensarvi meglio' in de Italiaanse acta.
68) Dit komt vooral voor in de Franse kerk, waar de frequentie van het avondmaal tweemaal zo hoog ligt als in de Nederlandse. Daar heeft men twee maanden de tijd om 'de ergernisse weg te nemen'. Wanneer het consistorie van mening is dat dit genoegzaam is gedaan door een schuldbelijdenis, hoeft de betreffende persoon zelfs helemaal geen avondmaal te missen.
69) De kerken in Londen onderscheiden nauwkeurig tussen een publieke afsnijding van het avondmaal en de excommunicatie 'van de gemeente'. Men zie Aaes II, p. 24, waar de kammaker Thomas Grin wegens 'schandaleus leven' voor de zoveelste keer vermaand wordt. Het Franse consistorie verzucht dat hij al zovaak publieke schuldbelijdenis heeft afgelegd, dat hem nu in het openbaar voor een lange tijd het avondmaal ontzegd is. Excommunicatie komt langzamerhand in aanmerking: 'S' il en ses vices, I' on procedra contre luy par la dernière, excommunication.' Deze passage geeft goed weer dat excommunicatie als een uiterst middel werd gezien, [cursivering van mij, ob].

|