Deel II: Bijzondere overgangsbepalingen

 

Ordinantie 4

Waar de gemeenten niet op grond van overgangsbepaling 192 zijn ingedeeld in één classis, worden de hervormde (wijk)gemeenten binnen het ressort van de (toekomstige) classis samengebracht in een hervormde classis en de gereformeerde kerken en wijkgemeenten binnen datzelfde ressort in een gereformeerde classis. De protestantse (wijk)gemeenten, de gefedereerde (wijk)gemeenten die een gemeenschappelijke kerkenraad hebben gevormd en de evangelisch-lutherse gemeenten worden ingedeeld op hun verzoek resp. bij de hervormde dan wel bij de gereformeerde classis; zij kunnen naar de andere classicale vergaderingen twee adviserende leden afvaardigen.
Aan de in de hervormde classis samengebrachte (wijk)gemeenten wordt leiding gegeven door de hervormde classicale vergadering, aan de in de gereformeerde classis samengebrachte kerken en (wijk)gemeenten wordt leiding gegeven door de gereformeerde classicale vergadering.
Op de hervormde classicale vergadering en de gereformeerde classicale vergadering zijn de bepalingen van ord. 4 en 10 van toepassing, met dien verstande dat ze
- in afwijking van ord. 4-19-2 elk één lid aanwijzen van de algemene classicale vergadering,
- in afwijking van ord. 4-25-2 elk één ambtsdrager afvaardigen naar de generale synode en
- in afwijking van ord. 10-3-1 elk twee visitatoren benoemen.