Algemene ordening

Hoofdstuk 5

Van de bestuursorganen der Kerk.

Afdeling I

Van de Kerkeraad.

Van zijn samenstelling
Artikel
69.2

In geval een kerkeraadslid om welke reden ook ophoudt dit te zijn, wordt door de kerkeraad binnen drie maanden met inachtneming van het huishoudelijk reglement als bedoeld in artikel 67 lid 5 een nieuw kerkeraadslid benoemd, dat de diensttijd vervult van het eerstgenoemde kerkeraadslid.