Kerkorde GG (2008) HIII.

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Kerkorde GG (2008) Art. 53

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
53

De dienaren van het Woord Gods, idem de professoren in de theologie (hetwelk ook de andere professoren wel betaamt) zullen de Belijdenis des Geloofs der Nederlandse Kerken ondertekenen, en de dienaren die zulks zullen refuseren, zullen de facto van hun dienst bij de kerkenraad of de classis opgeschort worden, tot de tijd dat zij zich daarin geheel verklaard zullen hebben; en indien zij obstinaat in weigering blijven, zullen zij van hun dienst geheel afgesteld worden.

Kerkorde GG (2008) Art. 54

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
54

Insgelijks zullen ook de schoolmeesters gehouden zijn de artikelen als boven, of in de plaats van die de christelijke catechismus te ondertekenen.

Kerkorde GG (2008) Art. 55

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
55

Niemand van de gereformeerde religie zal zich onderstaan enig boek of geschrift van hem of van een ander gemaakt of overgezet, handelende van de religie, te laten drukken of anderszins uit te geven, dan dit vooraf doorzien en goedgekeurd zijnde van de dienaren des Woords van zijn classis, of particuliere synode of professoren der theologie van deze provinciën, doch met voorweten van zijn classis.

Kerkorde GG (2008) Art. 56

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
56

Het verbond Gods zal aan de kinderen der christenen met de Doop, zo haast als men de bediening daarvan hebben kan, bezegeld worden, en dat in de openbare verzameling, wanneer Gods Woord gepredikt wordt. Doch ter plaatsen waar niet zoveel predikatiën gedaan worden, zal men een zekere dag in de week verordenen, om de Doop extraordinair te bedienen, zo nochtans dat het zonder predikatie niet zal geschieden.

Kerkorde GG (2008) Art. 57

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
57

De dienaren zullen hun best doen en daartoe arbeiden, dat de vader zijn kind ten Doop presenteert. En in de gemeenten waar men naast de vader ook gevaders of getuigen bij de Doop neemt (welk gebruik, op zichzelf vrij zijnde, niet licht te veranderen is), betaamt het dat men neemt die de zuivere leer toegedaan en vroom van wandel zijn.

Kerkorde GG (2008) Art. 58

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
58

De dienaren zullen in het dopen, zowel der jonge kinderen als der bejaarde personen, de formulieren van de instelling en het gebruik van de Doop, welke tot dien einde onderscheiden beschreven zijn, gebruiken.

Kerkorde GG (2008) Art. 59

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
59

De bejaarden worden door de Doop de christelijke gemeente ingelijfd en voor lidmaten der gemeente aangenomen en zijn daarom schuldig het Avondmaal des Heeren ook te gebruiken, hetwelk zij bij hun Doop zullen beloven te doen.

Kerkorde GG (2008) Art. 60

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
60

De namen der gedoopten, mitsgaders der ouders en getuigen, idem de tijd van de Doop, zullen opgetekend worden.

Kerkorde GG (2008) Art. 61

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
61

Men zal niemand ten Avondmaal des Heeren toelaten dan die naar de gewoonte der kerk tot welke hij zich voegt, belijdenis der gereformeerde religie gedaan heeft, mitsgaders hebbende getuigenis van een vrome wandel, zonder welke ook degenen die uit andere kerken komen, niet zullen toegelaten worden.

Kerkorde GG (2008) Art. 62

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
62

Een iedere kerk zal zulk een manier van bediening van het Avondmaal houden als zij oordeelt tot de meeste stichting te dienen. Welverstaande nochtans dat de uitwendige ceremoniën in Gods Woord voorgeschreven, niet veranderd worden en alle superstitie vermeden wordt en dat na voleinding van de predikatie en de algemene gebeden op de predikstoel het formulier van het Avondmaal, mitsgaders het gebed daartoe dienende, vóór de tafel zal worden gelezen.

Kerkorde GG (2008) Art. 63

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
63

Het Avondmaal des Heeren zal ten twee maanden eens, zoveel het mogelijk is, gehouden worden; en het zal stichtelijk zijn, waar het de gelegenheid der kerk lijden kan, dat het op de Paasdag, Pinksterdag en Kerstdag geschiedt. Doch ter plaatsen waar nog geen kerkelijke orde is, zal men eerst ouderlingen en diakenen bij provisie stellen.

Kerkorde GG (2008) Art. 64

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
64

Alzo de avondgebeden in veel plaatsen vruchtbaar bevonden worden, zo zal in het gebruik daarvan elke kerk volgen hetgeen zij acht tot haar meeste stichting te dienen. Doch wanneer men ze begeren zou weg te nemen, zal dit niet zonder het oordeel der classis (mitsgaders der overheid, de gereformeerde religie toegedaan) geschieden.

Kerkorde GG (2008) Art. 65

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
65

Waar de lijkpredikatiën niet zijn, zal men ze niet instellen. En waar ze nu alreeds zijn aangenomen, zal naarstigheid gedaan worden om ze met de gevoeglijkste middelen af te doen.

Kerkorde GG (2008) Art. 66

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
66

In tijden van oorlog, pestilentie, dure tijd, zware vervolging der kerken en andere algemene zwarigheden zullen de dienaren der kerk de overheid bidden dat door haar autoriteit en bevel openbare vasten- en biddagen aangesteld en geheiligd mogen worden.

Kerkorde GG (2008) Art. 67

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
67

De gemeenten zullen onderhouden, naast de zondag, ook de Kerstdag, Pasen en Pinksteren, met de navolgende dag. En dewijl in de meeste steden en provinciën van Nederland daarenboven nog gehouden worden de dag van de Besnijding en van de Hemelvaart van Christus, zullen de dienaren overal waar dit nog niet in het gebruik is, bij de overheden arbeiden dat ze zich met de anderen mogen conformeren.

Kerkorde GG (2008) Art. 68

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
68

De dienaren zullen alom ’s zondags ordinaarlijk in de namiddagse predikatie de somma der christelijke leer in de catechismus, die tegenwoordig in de Nederlandse kerken aangenomen is, vervat, kort uitleggen, alzo dat deze jaarlijks mag geëindigd worden, volgende de afdeling van de catechismus zelf daarop gemaakt.

Kerkorde GG (2008) Art. 69

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
69

In de kerken zullen alleen de 150 Psalmen Davids, de Tien Geboden, het Onze Vader, de 12 Artikelen des Geloofs, de Lofzangen van Maria, Zacharias en Simeon gezongen worden. Het gezang O God, die onze Vader bist wordt in de vrijheid der kerken gesteld, om het te gebruiken of na te laten. Alle andere gezangen zal men uit de kerken weren, en waar er enige alreeds ingevoerd zijn, zal men deze met de gevoeglijkste middelen afstellen.

Kerkorde GG (2008) Art. 70

Van de leer, sacramenten en andere ceremoniën

Artikel
70

Alzo bevonden wordt dat tot nog toe verscheiden gebruiken in huwelijkse zaken alom onderhouden zijn, en het nochtans wel oorbaar is gelijkvormigheid daarin gepleegd te worden, zo zullen de kerken blijven bij het gebruik dat zij conform Gods Woord en voorgaande kerkelijke ordinantiën tot nog toe onderhouden hebben, totdat bij de hoge overheid (die men daartoe met den eersten zal verzoeken) een generale ordinantie, met advies der kerkendienaren, daarop gemaakt zal zijn, tot welke deze kerkenordening zich in dit stuk refereert.

Door de Generale Synode 2001 van de Gereformeerde Gemeenten is in haar vergadering van 30 januari 2002 als aantekening bij artikel 70 en behorende tot het statuut van de Gereformeerde Gemeenten het volgende vastgesteld:

Overeenkomstig Gods Woord wordt een huwelijk door de kerk beschouwd als een voor de burgerlijke overheid op Bijbelse gronden gesloten huwelijk tussen één man en één vrouw, naar de zin van de instelling voor het leven aangegaan.